| Raijmond Silvester | 7 februari | 54 |
| Joop de Vries | 8 februari | 60 |
Regel 4. De uitrusting van de spelers
Veiligheid. Een speler mag niets dragen dat gevaarlijk is voor hem of een andere speler (dit geldt ook voor alle soorten sieraden).




Standaarduitrusting. De verplichte standaarduitrusting van een speler bestaat uit de volgende afzonderlijke onderdelen: a. een trui of shirt; b. een korte broek -wanneer een zogenaamde slidingbroek wordt gedragen, moet deze van dezelfde hoofdkleur zijn als de korte broek; c. kousen; d. scheenbeschermers; e. schoenen.
Scheenbeschermers. Moeten volledig zijn bedekt door de kousen; moeten zijn vervaardigd van geschikt materiaal (rubber, plastic of vergelijkbaar materiaal); moeten een redelijke mate van bescherming bieden.
Doelverdedigers. De doelverdediger moet kleding dragen die hem onderscheidt van de andere spelers, de scheidsrechter en de assistent-scheidsrechters.
Overtredingen/straffen. Bij een overtreding van deze regel: a. dient het spel niet te worden onderbroken; b. moet de overtredende speler, in opdracht van de scheidsrechter,het speelveld verlaten om zijn uitrusting in orde te brengen; c. verlaat de speler het speelveld bij de eerstvolgende onderbreking, tenzij hij zijn uitrusting al in orde heeft gebracht; d. mag een speler die is opgedragen het speelveld te verlaten om zijn uitrusting in orde te brengen, niet terugkeren zonder toestemming van de scheidsrechter; e. controleert de scheidsrechter of de uitrusting van de speler in orde is voordat hij hem toestemming geeft het speelveld weer te betreden; f. mag de speler alleen dan het speelveld weer betreden, wanneer de bal uit het spel is. Een speler aan wie is opgedragen om het speelveld te verlaten vanwege een overtreding van deze regel en die het speelveld (opnieuw) betreedt zonder toestemming van de scheidsrechter, ontvangt een waarschuwing door het tonen van de gele kaart.
Spelhervatting. Als het spel is onderbroken door de scheidsrechter om een waarschuwing te geven: a. wordt de wedstrijd hervat met een indirecte vrije schop, te nemen door een speler van de tegenpartij, vanaf de plaats waar de bal was toen de scheidsrechter de wedstrijd onderbrak.
OFFICIËLE BESLISSING


OB 1. De spelers mogen geen ondershirts tonen, die van slogans of reclame zijn voorzien. Een speler die zijn shirt omhoog of uittrekt om slogans of reclame te tonen, zal worden gestraft door de organisator van de competitie. De shirts dienen mouwen te hebben.